woensdag 12 oktober 2011

Toepassingskaart 8: constructivistische les

Toepassingskaart 8: constructivistische les

Eigen leerstijl
Ik heb de leerstijlen test gedaan. Deze test gaat over de verschillende leerstijlen van Kolb. Uit deze test bleek dat ik voornamelijk een dromer ben en absoluut geen beslisser. Hier herken ik mijzelf wel in. Zo kijk ik liever eerst naar hoe iemand anders een activiteit uitvoert voordat ik dat doe. Ook ben ik visueel ingesteld. Mij worden bepaalde zaken vaak duidelijker door tabellen, grafieken en plaatjes.

Observatie
De dromer
Allereerst heb ik een dromer geobserveerd. Dit omdat ik dit zelf ook ben, bleek uit de test. Deze dromer moet gestimuleerd worden. Ze pakt niet zelf haar werk, hier moet ze eerst op gewezen worden. Ook neemt deze dromer ruim de tijd voor bepaalde zaken.

De doener
Deze doener zegt zelf dat hij graag samenwerkt met andere leerlingen. Dit geloof ik graag. Deze leerling gaat direct na de uitleg aan de slag.

De denker
Deze denker vraagt weinig tot geen hulp. Hij lost liever zelf zijn zaken op.

Taal: interviewen
Deze les is gericht op de doener.

Productdoel: aan het einde van de les weten de kinderen dat ze bij een interview door moeten vragen om meer informatie te krijgen. Dit is te bereiken door open vragen.

Procesdoel: De leerlingen voeren hun voorbereidde interview met willekeurige leerlingen uit. De kinderen komen zo in contact met verschillende kinderen en zien zo dat de ene anders reageert op een interview dan de ander.

Beginsituatie: In hoofdstuk 3 hebben de kinderen geleerd hoe een reportage wordt gemaakt. Ze hebben hier gezien dat een journalist interviews houdt. Vandaag gaan ze zelf interviews houden.

Intro:
5 minuten. Onderwerpen bedenken. Bijvoorbeeld: hobby, helden, kinderboekenweek
Welke vragen worden er in een interview gesteld? Open en gesloten vragen.

5 min. Iedereen kiest een onderwerp en bereid een interview voor.
Soms is het nodig om om verduidelijking te vragen.

Kern:
2x 5 min. interviewen

5 min. 1 interview voor de klas daarna bespreken:
-welk soort vragen werd er gesteld?
-heeft de interviewer genoeg informatie gekregen?
-spraken de deelnemers duidelijk?
-hielden ze zich aan het onderwerp?
-werd er om verduidelijking gevraagd?

3 min 2e ronde interviews. De kinderen kiezen een nieuw onderwerp. Geen concrete vragen meer maar steekwoorden.

Voorbeeld:
Schoolkeuze:
-verschil
-hoe kies je?
-negatieve/positieve kanten

2x 5 min. Houden van interviews

5 min. Koppel voor de klas.

Kleine pauze

Deel 2 uit lesboek:
5 min. Lezen van tekst + geven van opdracht

5 min. Voorbereiden

5 min. Persconferentie houden kort aantekeningen maken.

5-10 min. Kort verslagje schrijven.

Reflectie algemeen
Deze les was gericht op de doener. Ik vond het een geslaagde les voor de doeners in de klas. Dit omdat de sfeer en menselijk contact belangrijk zijn voor doeners. Tijdens deze les mochten de kinderen veel samen werken.
De les opzicht vond ik ook goed gaan. De kinderen werkte goed en serieus. Naar mijn idee is het productdoel bereikt.
Waar ik de volgende keer meer op moet letten is dat ik mij meer focus op verschillende kinderen. Niet alleen de kinderen die steeds hun vinger opsteken maar ook de kinderen die dit misschien wat minder vaak doen.

Reflectie leerstijlen
Doener
Deze heb ik net al beschreven dus hier ga ik niet verder op in.

Dromer
Ik ben tegemoet gekomen aan de behoefte van de dromer dor met voorbeelden te komen. Ik heb ook de dromer die ik heb geobserveerd een aantal keer aangespoord om verder te gaan met de taak.

Denker
Deze les was misschien wat minder geschikt voor de denker. Dit omdat de ‘problemen’ in duo’s werden opgelost. Toch hebben de kinderen de tijd gehad om ook individueel te werken dus wat dat betreft is dat voor de denkers fijn.

Reflectiegesprek met de leerlingen
Uit en kort reflectiegesprek met de leerlingen bleek dat de meeste kinderen het fijn vonden om samen te werken. Veel kinderen vonden het ook fijn dat ze dingen zelf uit mochten zoeken en dat ze veel aan de slag waren. Sommige kinderen gaven aan dat ze de voorbeelden duidelijk vonden maar dat ze in het vervolg liever nog wat meer voorbeelden krijgen. Hier kan ik rekening mee houden bij mijn volgende lessen.

maandag 12 september 2011

Toepassingskaart 1



Mindmap:



Toepassingskaart 2 deel 2 (reflectie na themabijeenkomsten)

<DIV>size=2><STRONG>2. Bijeenkomstreflectie 1STRONG> <BR><EM>Wat was nieuw voor me?EM> <BR>Voor mij was de ontwikkeling van get medisch model naar het talent model nieuw. <BR><BR><EM>Wat heb ik daarvan geleerd?EM> <BR>Ik heb van dit model geleerd dat je het best kunt kijken naar het talent van een specifiek kind. Je kunt beter naar het talent dan naar het 'defect' kijken. <BR><BR><EM>Wat kan je metEM> <EM>deze nieuwe kennis/inzichten doen?EM> <BR>Nu ik dit weet kan ik proberen om op de stage de talenten van de kinderen in te zetten om persoonlijke groei te bevorderen. Ik ga meer kijken naar 'wat kunnen ze', in plaats van 'wat kunnen ze niet'. <BR><BR><BR><STRONG>Bijeenkomstreflectie 2STRONG> <BR><BR><EM>Wat was nieuw voor me?EM> <BR><BR>Voor mij was de techniek achter mindmapping nieuw. <BR><BR><BR><BR><EM>Wat heb ik daarvan geleerd?EM> <BR><BR>Ik heb geleerd hoe je een hersenvriendelijke mindmap kan maken. Bij een mindmap moet je bijvoorbeeld op de volgende punten letten: A3 vel, liggend, gebogen lijnen, het gebruik van steekwoorden en het gebruik van tekeningetjes. <BR><BR><EM>Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?EM> <BR><BR>Ik kan mindmapping inzetten om hersenvriendelijke lessen te geven. Dit wil ik dan ook zeker op mijn stageschool uitproberen. <BR><BR><BR><BR><STRONG>Bijeenkomstreflectie 3STRONG> <BR><BR><EM>Wat was nieuw voor me?EM> <BR><BR>Voor mij waren de 7 uitgangspunten van de 1-zorgroute nieuw. Ik wist globaal wat de zorgroute inhield maar nu weet ik dat beter. Ook heb ik geleerd wat de verschillende cluster scholen inhouden. Ik heb ook gezien hoe ingewikkeld de organisatie verwijzingstructuur in het primair onderwijs is. Ik heb gemerkt dat dit systeem nog niet goed is opgeslagen dus daar moet ik nog extra aandacht aan geven. <BR><BR><BR><BR><EM>Wat heb ik daarvan geleerd?EM> <BR><BR>Ik heb hiervan verschillende dingen geleerd. Zo weet ik nu met wie ik contact op moet nemen voor bijvoorbeeld een kind dat in aanmerking komt voor een 'rugzak'. Ook snap ik nu het verschil tussen SBO en SO. <BR><BR><BR><BR><EM>Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?EM> <BR><BR>Met deze nieuwe kennis en inzichten kan ik met het model van 'realiseren, waarnemen, begrijpen, plannen' een kind observeren. Ik kan na deze observatie hiervoor een verklaring zoeken en een plan opstellen. <BR><BR><BR><BR><BR><BR><STRONG>Bijeenkomstreflectie 4STRONG> <BR><BR>Wat was nieuw voor me?

Tijdens dit college hebben we het vooral over ontwikkelingsvolgmodellen gehad. Natuurlijk wist ik dat deze modellen bestaan maar ik heb nu meer een beeld van hoe deze modellen er uitzien.

Wat heb ik daarvan geleerd?
Ik weet nu beter langs welke lijn kinderen zich ontwikkelen.



Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?

Ik kan met deze modellen kijken of kinderen in de (stage)klas in de goede richting zitten of dat ze achter of voor lopen. Natuurlijk is elk kind uniek en ontwikkeld geen enkel kind precies volgens de lijnen. Toch geeft dit model een houvast en kan ik ongeveer kijken of ze ver genoeg in de ontwikkeling zijn.

Bijeenkomstreflectie 5
Wat was nieuw voor me?
Voor mij was het sociaal constructivisme nieuw.

Wat heb ik daarvan geleerd?
Ik weet nu wat sociaal constructivisme inhoud. Ik weet dat dit berust op het inzicht dat mensen zelf betekenis gevaen aan hun omgeving. Hieribij spelen ook sociale processen een belangrijke rol.
Verder heb ik geleerd dat je leerstijl in de loop van de jaren kan veranderen.

Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?
Ik kan in mijn stage uitproberen hoe de kinderen reageren op zo een soort les.

Bijeenkomstreflectie 6
Ik was helaas niet aanwezig bij dit college. Daarom heb ik mijn informatie via andere studenten.
Wat was nieuw voor me?
Ik heb begrepen dat deze bijeenkomst over meervoudige intelligentie ging. Hier heb ik mij vorig jaar al in verdiept dus veel wist ik hier al vanaf. Uit de literatuur bleek wel dat veel docenten geneigd zijn om met hun eigen intelligentie les te geven. Dit vind ik erg interessant want dit kan veel betekenen voor mijn onderwijs.

Wat heb ik daarvan geleerd?
Ook heb ik thuis een meervoudige intelligentie test gedaan. Hier kwamen twee intelligenties naar voren. Namelijk de muzikaal-ritmische intelligentie en de talige intelligentie. De talige intelligentie is nieuw voor me. Dit had ik niet verwacht. De talige intelligentie associeer ik altijd met hele mondige mensen. Zelf vind ik dat ik 'to the point' praat.

Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?
Zoals ik net al zei heb ik geleerd dat docenten vaak via hun eigen intelligentie les geven. Hier wil ik tijdens mijn lessen op gaan letten dat ik meerdere intelligenties aan bod laat komen.



Bijeenkomstreflectie 7
Tijdens themabijeenkomst reflectie 7 hebben we het eerst in de klas gehad over bepaalde kinderen op de stages. Studenten gaven elkaar tips over wat ze kunnen doen in bepaalde gevallen. Dit onderdeel van de les vond ik zelf erg fijn.

Na dit onderdeel hebben we het gehad over reactiecategorieën. Er zijn twaalf reactie categorieën namelijk:
1. bevelen, gebieden, voorschrijven
2. waarschuwen, dreigen
3. moraliseren, preken, zeggen wat hij zou moeten doen
4. adviseren, oplossingen of suggesties aandragen.
5. beléren, de les lezen, logische argumenten aanvoeren
6. oordelen, kritiek leveren, oneens zijn, beschuldigen
7. schelden, stereotyperen, etiketteren
8. interpreteren, analyseren, diagnosticeren
9. prijsen, instemmen, positief waarderen
10. geruststellen, meeleven, troosten, ondersteunen
11. ondervragen, onderzoeken, verhoren
12. zich terugtrekken, afleiden, sarcastisch zijn, grapjes maken, over iets anders praten.

Met deze categorieën hebben we ook naar de eventuele effecten op de leerling gekeken bij zo een reactie.

In groepjes van 5 hebben we een module gemaakt adhv het boek 'leer als een speer'. Ik had het hoofdstuk dat ging over snellezen, concentreren en luisteren. Ik vond dit een handige opdracht omdat dit iets is dat je ook echt kunt gebruiken in de lessen.

Wat was nieuw voor me?
Nieuw voor mij waren de 12 reactiecategorieën en de eventuele effecten hiervan. Ook zag ik in dat ik zelf bepaalde reactiecategorieën meer gebruik dan andere. Zo komen nummer 11, nummer 4 en nummer 9 meerdere keren voor bij de oefening met situatiebeschrijvingen.

Wat heb ik daarvan geleerd?
Ik heb vooral van het onderdeel effecten veel geleerd. De letterlijke verbale reactie waar jij als leerkracht op dat moment voor kiest kan door een leerling heel anders geïnterpreteerd worden. Zo kan deze reactie (onbedoeld) destructief uitwerken.
Ik besef nu ook dat wanneer je iets tegen een leerling zegt, je ook iets over deze leerling zegt.

Wat kan ik met deze nieuwe kennis/inzichten doen?
Met deze nieuwe kennis kan ik nu beter inschatten wat het effect is van mijn reactie op een kind.


maandag 5 september 2011

Toepassingskaart 2 deel 1

1. Vijf concrete leerdoelen
- Aan het eind van blok 1 wil ik kunnen beschrijven welke middelen ik in kan zetten om 'hersenvriendelijk' les te realiseren.
- Aan het eind van blok 1 wil ik de 'snellees techniek' kunnen toepassen.
- Aan het eind van blok 1 wil ik verschillende visies van passend onderwijs bestudeerd hebben.
- Aan het eind van blok 1 wil ik minimaal twee middelen voor 'hersenvriendelijke lessen' toegepast hebben op mijn stageschool.
- Aan het eind van blok 1 wil ik antwoord kunnen geven op de volgende vraag. Kan muziek de hersenactiviteiten beïnvloeden?


3. Terugblik.
We hebben nu alle lessen HIA gehad. Nu kan ik terugblikken op mijn leerdoelen. Ik ga ze allemaal af.
- Aan het eind van blok 1 wil ik kunnen beschrijven welke middelen ik in kan zetten om 'hersenvriendelijk' les te realiseren.
Ik heb nu een heleboel tips gekregen hoe ik op een hersenvriendelijke manier les kan geven. Zo weet ik nu bijvoorbeeld dat de emoties eerst weg moeten voordat er goed les kan worden gegeven. Ook moeten de doelen voor de les zichtbaar zijn voor de leerlingen. Verder weet ik nu ook hoe ik de techniek 'mindmapping' toe moet passen.

- Aan het eind van blok 1 wil ik de 'snellees techniek' kunnen toepassen.
In het boek 'leer als een speer' staat beschreven welke technieken je hier voor kunt gebruiken. Als ik nu een studieboek lees pas ik al tenminste 2 van de 3 technieken toe. Het verbaasd me, maar ik merk echt dat het werkt. Hier heb ik veel aan gehad!

- Aan het eind van blok 1 wil ik verschillende visies van passend onderwijs bestudeerd hebben.
Ik vind dat ik dit doel nog niet genoeg behaald heb. Wie weet komt dit later nog in het jaar en anders moet ik hier zelf onderzoek naar doen.

- Aan het eind van blok 1 wil ik minimaal twee middelen voor 'hersenvriendelijke lessen' toegepast hebben op mijn stageschool.
Dit heb ik gedaan. Zie toepassingskaart 3.

- Aan het eind van blok 1 wil ik antwoord kunnen geven op de volgende vraag. Kan muziek de hersenactiviteiten beïnvloeden?
Ik was hier erg nieuwsgierig naar. We zouden in elke les drie muziekjes beluisteren. Helaas hebben we dit maar een les gedaan dus deze vraag kan ik ook niet voldoende beantwoorden.
Wel heb ik een keer thuis geprobeert om met barokmuziek te lezen. Ik vind het moeilijk om hier een oordeel over te hebben. Ik heb namelijk niet echt een verschil gemerkt met of zonder barok muziek. Ik werd in ieder geval niet afgeleid door de muziek.

donderdag 29 oktober 2009